De wind, een kledinglabel, een aai, de warmte van de zon, de temperatuur van het water in de zee, een naad van een sok, druppels van de regen, een haarlok in het gezicht, tintelingen door ijskoud water, het schuren van zand, een massage, een kriebeltrui, een kus op de wang……. alles wat met voelen te maken heeft komt via onze huid binnen. Onze huid, het grootste orgaan van ons lichaam, is dé grote verwerker van prikkels die van buiten het lichaam komen. Het vuurt deze prikkels af op ons zenuwstelsel, waar ze vervolgens verwerkt en geïnterpreteerd worden. Dit razendsnelle proces noemen we tactiele informatieverwerking of tactiele prikkelverwerking. Naast proeven, horen, zien, ruiken en proprioceptie (het vermogen om de positie van het eigen lichaam en lichaamsdelen waar te nemen) is het een onderdeel van onze zintuiglijke informatieverwerking.

Het allereerste voelen begint al in de baarmoeder. O.a. het vruchtwater en de baarmoederwand zorgen voor de ontwikkeling van de tactiele informatieverwerking. De eerste banen in het zenuwstelsel worden nu al aangelegd. De (reflexmatige) bewegingen die het kind maakt, en de daardoor wisselende aanraking op de verschillende delen van het lichaam, hebben uiteindelijk invloed op de prikkelverwerking , en dus prikkelgevoeligheid, van het kind. Tijdens de bevalling wordt het tactiele systeem nog eens flink geprikkeld door de weeën. Elke wee is als een stevige massage voor de huid.
Er zitten miljoenen gevoelszintuigen, receptoren, over de hele huid verspreid. Alle receptoren die de prikkels moeten verwerken, worden door de invloed van de weeën nog eens extra “aan” gezet. Het is heel belangrijk dat dit niet te snel gaat, maar ook niet te lang duurt. De kans op een uitgebalanceerde tactiele prikkelverwerking is het grootst wanneer een bevalling met goede weeën zo tussen de 9 en 18 uur duurt. De masserende kracht van de weeën maakt de verbindingen in de hersenen en zenuwbanen sterker, zorgt er uiteindelijk voor dat er een goede balans komt tussen belangrijke en minder belangrijke prikkels. Zo is de kans op een zo goed mogelijke prikkelverwerking het grootst.
Een pasgeboren baby heeft nog beperkte middelen om te communiceren. De huid is in de eerste maanden dé weg tot communicatie. Het is dé manier om een gevoel van veiligheid te ontwikkelen. Deze basisveiligheid zorgt voor een goede balans tussen spanning en ontspanning vanuit de hersenstam en uiteindelijk vanuit de hoger gelegen hersengebieden. Hét belangrijkste aspect dat aan de basis staat van de verdere ontwikkeling, een leven lang. Door problemen, stress of trauma tijdens de zwangerschap, de bevalling of na de geboorte, kunnen er problemen in de tactiele prikkelverwerking ontstaan Hierdoor kan er een hypo-gevoelig of hyper-gevoelig systeem ontstaan. De hersenstam weet de prikkels niet op een juiste manier te interpreteren en geeft daardoor voortdurend een vecht-, vlucht- of bevriesreactie af.
Hypo-gevoeligheid
Bij een hypo-gevoelig systeem worden prikkels van buitenaf onvoldoende herkent of onjuist geïnterpreteerd. Er is sprake van een lage gevoeligheid, waardoor iemand ongevoelig lijkt, of ongeïnteresseerd over kan komen. Fysiek reageert het bijvoorbeeld minder op pijn of kou en is de kans op lichamelijke beschadiging groter dan bij een goed werkend tactiele systeem.
Om toch te voelen hebben personen met een hypo- gevoelig systeem vaak uitdaging nodig. Ze hebben de neiging om extremen op te zoeken en hierin grenzen te blijven verleggen. Een onderprikkeld persoon kan behoefte aan zintuigelijke prikkelingen hebben. Dit kan op tactiel gebied zich bijvoorbeeld uiten in het veelvuldig aanraken van de ander, ruig en onhandig in sport en spel, onrustig gedrag, veel heen en weer lopen, etc. Wordt hij niet uitgedaagd dan zakt de aandacht weg, zakt hij letterlijk onderuit en komt maar moeilijk weer in beweging, wat onterecht als ongeïnteresseerd bestempeld wordt. Je kunt je misschien voorstellen dat een onderprikkeld persoon door zijn uitdagende of juist “niet vooruit te branden” houding makkelijk in de problemen komt.
Hyper-gevoeligheid
Bij een hyper-gevoelig systeem komen prikkels te heftig binnen. Is er onvoldoende filtering van binnenkomende informatie. Wat belangrijk is en wat niet. Er is sprake van een hoge gevoeligheid. Aanraking kan hard binnen komen en zelfs een extreme pijnreactie geven. Labels in kleren worden als storend ervaren, lichamelijke aanraking als een knuffel wordt liever uit de weg gegaan.
Haren borstelen kan vreselijk pijn doen, een wondje geeft een overactieve pijn- en “drama” reactie en op blote voeten lopen is door kruimels, zand en andere kleine oneffenheden uit den boze.
Het informatieverwerkingssysteem in de hersenen wordt in deze gevallen overbelast, waardoor er letterlijk en figuurlijk uiteindelijk kortsluiting ontstaat door de bovenmatige stress die dit oplevert.
Een persoon met een hypergevoelig systeem zal daarom juist prikkels zoveel mogelijk willen vermijden of willen voorkomen. Dit geeft rust en voelt veilig, maar werkt natuurlijk zeer beperkend voor de persoon in kwestie.
Een hypo- of hyper gevoelig systeem kan vanaf de jonge kinderjaren zorgen voor moeilijkheden op lichamelijk, sociaal-emotioneel en cognitief gebied. Bij een baby kan je het bijvoorbeeld herkennen doordat je kindje veel huilt, onrustig is, veel beweegt en niet te troosten lijkt. Of het kind is juist heel rustig, slaapt als een blok (zelfs door heftig lawaai heen) en lijkt alles wel goed te vinden. Er kan sprake zijn van een ongewone of onveilige hechting.
Het onder- of overprikkeld zijn kost uiteindelijk energie en zorgt voor beperking, waardoor er grote kans bestaat op een ontwikkelingsachterstand en gedragsproblemen. Diagnoses, of persoonskenmerken, waarbij sprake is van een afwijkende prikkelverwerking zijn o.a. ADHD, ADD, Autisme, PDD-NOS, ODD, HSP, Automutilatie en OCD.

Wanneer de onderprikkeling of overprikkeling chronisch is of langdurig wordt, kan dit (op latere leeftijd) voor psychische problemen zoals bovenmatige stress, burn-out, bored-out of depressie zorgen. Stress kan letterlijk in je lijf gaan zitten. Kan stijfheid in gewrichten of spieren tot gevolg hebben. Stress gaat vaak samen met pijnklachten of een oververmoeid lijf. Daarnaast is bij een burn-out of depressie een veelgehoorde klacht dat het hoofd maar blijft malen, dat het maar niet rustig wordt in het hoofd. Beiden, zowel een overwerkt lijf als hoofd, kunnen voortkomen uit een verstoorde prikkelverwerking. De balans tussen spanning en ontspanning is vaak al geruime tijd ver te zoek…….
MNRI Tactile Protocol
Met het MNRI Tactile Protocol kan, bij jong en oud, gewerkt worden aan herstel en optimalisering van de tactiele informatieverwerking. Deze lichaamsgerichte behandelmethode, gebaseerd op reflexintegratie, maakt gebruik van technieken die doorwerken op hersenstam niveau. Door middel van een specifieke manier van aanraken worden de receptoren in de huid en gewrichten geactiveerd en op een diepwerkende en ontspannen manier gestimuleerd. Deze methode helpt het systeem tot rust te brengen of juist op de juiste manier te activeren, waardoor de prikkels beter verwerkt en geïnterpreteerd kunnen gaan worden.
Je kunt het vergelijken met de rustgevende werking van het strelen van een kind, wanneer het verdrietig of overstuur is. Of een stevige knuffel die helpt te ontspannen of je juist even weer “op aarde brengt” en je rustig maakt. Een juiste en oprechte manier van aanraken werkt helend. Er ontstaat balans tussen spanning en ontspanning. Dit zorgt naast rust in het lichaam, ook voor een basis gevoel van veiligheid waardoor er o.a. groei en ontwikkeling ontstaat in gedrag, motoriek, cognitieve vaardigheden en psychische gesteldheid.

In Nederland zijn inmiddels een groot aantal behandelaars die werken met de reflexintegratiemethode MNRI en het Tactile Protocol. Hier ben ik er één van. Mijn collega's kan je vinden op www.masgutovamethod.eu



Margreet Leeflang-Wobbes

Tactiele informatieverwerking; hypo- of hypergevoeligheid

Comments are closed.